Caravaggio: Chiesa Nuova en de dood van Maria

Chiesa Nuova of Santa Maria in Vallicella         Ingang        Timpaan

Wikipedia

Paus Gregorius XIII die nauw bevriend was met Vittrici had een aflaat ingesteld voor het bidden in zijn kapel in de Chiesa Nuova. Als zijn kapel nog niet voltooid is, sterft Vittrici. Na zijn dood wordt de kapel met het altaar voltooid. De paus herhaalt nog eens dat het toegekende privilege gehandhaafd moet blijven. Dit betekent dat zo’n kapel waar we nu voor staan bij de gelovige zeer populair was, je kon er immers een aflaat mee verdienen. De Santa Maria in Vallicella zoals deze kerk officieel heet, heeft in totaal twaalf altaarstukken in de kapellen bij de zijbeuken.

Caravaggio ‘De graflegging’ 1603 -1604, 300 x 203 cm
Vatican’s Pinacoteca

In de Chiesa Nuova hing oorspronkelijk in de tweede kapel rechts, de Vittrici-kapel, ook een beroemd schilderij van Caravaggio dat je nog in de Pinacotheek van het Vaticaan te zien krijgt. We zullen het hier moeten doen met een replica van de graflegging van Christus. Toch zullen we hier en niet in het museum dit werk bespreken omdat alleen hier het schilderij echt te begrijpen is.s to be seen in context to be understood.

Chiesa Nuova schip    Plattegrond en het Oratorium

foto: Dennis Jarvis

De twaalf altaarstukken in de zijkapellen zijn één doorlopend verhaal over de kruisweg. In elk altaarstuk is tussen de andere figuren in Maria te zien. De twee aangrenzende kapellen van de Vittrici-kapel hebben altaarstukken waar de Kruisiging en de Hemelvaart worden afgebeeld. De graflegging die Caravaggio voor de kapel van Vittrici gemaakt heeft, past hier perfect tussen. Veel schilderijen boven de altaren zijn al voltooid als Caravaggio in 1603 aan zijn altaarstuk begint. We vergelijken de aangrenzende Kruisiging van de schilder Pulzone met het werk van Caravaggio. Dan zie je dat Caravaggio niet alleen het verhaal goed laat aansluiten bij het werk van Pulzone, maar ook enkele figuren en hun kleding. Zo neemt hij de kleding over zoals het rode en groene kleed. Verder heeft Johannes (de man dicht bij Jezus met een groene mantel en een rode draperie) hetzelfde gezicht als de apostel die Pulzone heeft geschilderd. Het licht dat van rechts komt en de diagonale compositie komen ook precies overeen met de natuurlijke lichtval in deze kapel.
Als je voor deze replica staat dan lijkt het alsof je deelgenoot bent van de graflegging. Je staat echter wel in het graf zelf en kijkt naar boven.

Rubens die in de Chiesa Nuova zes jaar later nog heeft gewerkt aan zijn altaarstuk bij het hoofdaltaar interpreteerde dit ook zo. Hij vond echter dat Caravaggio met zijn compositie niet duidelijk had gemaakt waar de dode Christus nu precies in het graf komt te liggen. Enkele jaren later maakte Rubens een graflegging waarbij wel duidelijk was waar Jezus nu kwam te liggen.

Rubens ‘De graflegging’ 1612-1614

National Gallery of Canada

Rubens heeft niet begrepen waarom Caravaggio juist deze compositie heeft gemaakt. Deze is helemaal niet bedoeld als een goede plaatsbeschrijving. Integendeel, centraal staat de diepere betekenis en de sfeer van de graflegging. Het is meer een icoon dan een verhaal zoals dit trouwens ook voor de Pietà van Michelangelo geldt. In zijn brief aan de Romeinen (Romeinen 6: 4-6) legt Paulus de link uit tussen de graflegging en de opstanding. De mens moet de Heer in de dood volgen, want dan kunnen wij een nieuw leven leiden. Deze gedachte wordt pas echt goed geïllustreerd als de priester staande voor het altaar zijn hostie opheft en dan precies voor het geschilderde graf en de dode Christus de woorden tijdens de consecratie uitspreekt: ‘Want dit is mijn Lichaam, dat voor U gegeven wordt. Doet dit, zo dikwijls gij het doet, ter nagedachtenis aan Mij.’ De aanbidders die de mis bijwoonden konden bij deze woorden ook echt het lichaam van Christus zien. Zo gezien is het een icoon van het Corpus Domini.

Raphael ‘De graflegging’ 184 x 176 cm 1507 Galleria Borghese

Als je de graflegging van Raphaël die je nog in de Villa Borghese te zien krijgt met deze graflegging vergelijkt, zie je grote verschillen. Raphaël idealiseerde zijn figuren sterk. Zo schreef hij in een beroemde brief aan Castiglioni dat hij geen modellen gebruikte, maar ideeën. Als je de figuren van Caravaggio in dit altaarstuk bekijkt zoals Nicodemus, de man rechts vooraan, Johannes, Maria, Maria Magdalena  en Maria Kleopas dan zijn die heel realistisch. Voor de vrouw, Maria Kleopas, die haar beide handen in de lucht gooit, heeft Caravaggio een Romeinse straatmeid als model gebruikt. Wel is het gebaar dat zij met haar handen maakt heel klassiek. Je kunt het op menige sarcofaag uit de oudheid terugvinden.

Caravaggio ‘De graflegging’     Nicodemus

Michelangelo ‘Pietà’

Typisch voor Caravaggio is de hand van de onoplettende Johannes die onder de oksel van Christus doorsteekt. Zijn vingers prikken in de wond van Christus die weer opengaat. Dit soort details zijn kenmerkend voor Caravaggio. Als je de Pietà van Michelangelo nog in je hoofd hebt dan kun je zien dat Caravaggio ook van dit werk van Michelangelo gebruik heeft gemaakt zoals hij wel vaker deed.

Caravaggio ‘De Dood van Maria’ Louvre Parijs

Een schilderij dat we niet zullen zien, maar waar ik nog heel kort aandacht aan wil besteden, omdat het in het rijtje publieke opdrachten in Rome valt, is de Dood van Maria, dat Caravaggio schilderde voor de Santa Maria della Scala.

Caravaggio ‘De dood van Maria’ detail

Deze kerk stond onder het bewind van de Ongeschoeide Karmelieten, een orde die was opgericht door Teresa van Avila. Maria’s dood wordt meestal volgens de Apocriefe boeken afgebeeld, waarin staat dat het leek alsof Maria in slaap viel toen zij stierf. Dat duurde drie dagen, waarna ze ten hemel steeg (op 15 augustus). Het schilderij dat Caravaggio maakte, werd afgewezen, waarschijnlijk omdat hij een hoer als model had gebruikt (er wordt zelfs gefluisterd dat hij het lichaam van een zwangere prostituee, die zichzelf had verdronken in de Tiber, had gebruikt) Manguel blz. 298

Hopeloosheid en rouw

Andere schilderijen van Caravaggio in Rome Palazzi, Galleria en Musea:

Vervolg Rome dag 5: Het Pantheon en zijn geschiedenis I