Giotto’s fresco’s in de Peruzzi-kapel en Bardi-kapel III

De verhalen over Johannes de Evangelist

De rechterwand laat in de lunet, aan de bovenzijde Johannes de Evangelist zien. Hij zit op het eiland Patmos waar hij een visioen kreeg over de ondergang van de wereld. Alleen als je buiten de kapel zelf staat, is de ruimtewerking van het eiland in de zee juist. Johannes is diep in gedachten verzonken. Deze houding van de Johannes doet sterk denken aan Joachims droom of de aankondiging van de engel; een werk dat Giotto in Padua in de Scrovegni-kapel had geschilderd.

De droom van Johannes op Patmos      Johannes vóór de restauratie
 Schema van de fresco’s in de Peruzzi-kapel

Giotto 'Vision of John the Evangelist at Patmos' Peruzzi chapel

Het visioen lijkt zich wel rond het oor van Johannes af te spelen. Hier is sprake van een centrale compositie waarbij Johannes in het midden onder in het beeldvlak is afgebeeld. De andere figuren zoals God, de draak en de engelen bevinden zich om hem heen. Wel heel wat anders dan de lunet op de tegenoverliggende wand waar de opzet van de scène door de gebouwen in twee delen is opgesplitst. In het middelste fresco is de opwekking van Drusiana te zien. Johannes wekte haar buiten de muren van Ephesus tot leven. Rechts een menigte met een doodsbaar voor Drusiana. Johannes met zijn volgelingen, heeft zijn arm uitgestrekt en Drusiana is tot leven gekomen, hun blikken kruisen elkaar. De uitgestrekte rechterarm van Johannes beantwoordt Drusiana door haar beide armen uit te strekken. Zij lijkt haar handen te vouwen voor een dankgebed. Helaas is dit niet meer te zien daar de oorspronkelijke verf hier verdwenen is.

Giotto ‘De opwekking van Drusiana’ ca. 1313 – 1314
 Schema van de fresco’s in de Peruzzi-kapel

Giotto 'The Raising of Drusiana'  Peruzzi chapel

Wat we nu zien is het pleisterwerk van het gat dat de steigerpaal heeft nagelaten. Dit waren trouwens de enige plekken (veertien) waar wel met nat in nat is gewerkt. De intonaco werd hier immers pas na het schilderwerk en het verwijderen van de steigers aangebracht. Drie figuren knielen voor Johannes onder de indruk van het wonder dat hij met Gods hulp zojuist had verricht. In dit deel gebruikt Giotto ook de architectuur om het verhaal nog eens extra te onderstrepen.Het oog van de kijker gaat van de uitgestoken hand van Johannes de Evangelist naar Drusiana en weer terug. Dit tegen de achtergrond van een kale muur die tussen de beide hoofdfiguren niet onderbroken wordt door verticalen zoals torens en gebouwen. De groepen die toekijken, lijken net als de torens en gebouwen achter hen dicht opeengepakt bij elkaar te staan.

De wereld die Giotto hier schildert, is zo groot geworden dat zij alle figuren en de top van twee van de gebouwen niet meer kan bevatten. Dit is ondermeer te zien bij de figuren die deels achter de geschilderde lijsten staan. Aan de onderzijde is de Hemelvaart van Johannes geschilderd. De tenhemelopneming van Johannes de Evangelist is alleen geloofwaardig als je net buiten de kapel staat (Johannes de Evangelist (rechter muur).

Giotto ‘Hemelvaart van Johannes de Evangelist’ ca. 131 – 1314
 Schema van de fresco’s in de Peruzzi-kapel

Giotto 'Assumption of John the Evangelist' Peruzzi chapel

Het gebouw is een kerk met een geopend graf in de vloer. Omstanders deinzen achteruit, schrikken of staan verbaasd te kijken. In het midden tussen de kerkgangers heeft de tenhemelopneming plaats. Christus op een wolk samen met engelen neemt Johannes in de hemel op. Johannes en Christus kijken elkaar in de ogen. Johannes wordt opgeheven door een bundel gouden stralen die hem omarmt.

Michelangelo Studie naar     Giotto ‘Hemelvaart van Johannes’

Michelangelo heeft als jonge knaap in deze kapel gestaan en een studietekening naar dit fresco gemaakt. Kwam hij zo misschien op het idee van de schepping van Adam in de Sixtijnse kapel. Uit de tekening van de jonge Michelangelo blijkt dat hij vooral geïnteresseerd was in de man die zich vooroverbuigt en verbaasd in het lege graf kijkt dat Johannes verlaten heeft.

Werkwijze, uitvoering en kwaliteit

Zoals al eerder vermeld, is er buitengewoon snel gewerkt. Giornati, dagdelen, waren overbodig er werd immers op de droge intonaco geschilderd. In de Peruzzi-kapel zijn bij de lunetten verfspetters van de gewelven terechtgekomen. Gewoonlijk werd er van boven naar onder gewerkt zodat er geen spetters op de onderliggende delen konden komen. Waarschijnlijk is er vanwege de grote tijdsdruk tegelijk aan de lunetten en de gewelven gewerkt. Op vijf verschillende hoogtes zijn steigers geplaatst. In de lunet aan de bovenzijde werd eerst een grote laag intonaco aangebracht. Na het schilderwerk werden de steigerpalen verwijderd en zoveel lager aangebracht dat men staande op de steigerplanken het bovenste deel kon schilderen. Zo is elke zijwand in zes delen geschilderd. Zoals gebruikelijk werden loodlijnen getrokken in de pleisterlaag voornamelijk horizontale en verticale, maar ook diagonalen bij verkortingen voor de architectuur. Dit is bij sommige fresco’s nog met het blote oog te zien zoals in de Opwekking van Drusiana.

Op de eerste pleisterlaag, de arriccio, zijn bij de restauratie geen ondertekeningen gevonden. Dit zou bij de gebruikte werkwijze ook geen zin hebben. Wel zijn er schetsen in grote lijnen op de arriccio aangetroffen, mogelijk van de hand van Giotto zelf. In deze ondertekeningen zijn alleen bij enkele architectonische elementen details te zien.

Giotto 'Herod's Banquet' Peruzzi chapel

Giotto heeft waarschijnlijk gebruik gemaakt van kleine tekeningen, die door de uitvoerende assistenten op schaal zijn omgezet. De uitvoering van het schilderwerk zelf, heeft Giotto aan zijn assistenten overgelaten, en is door vijf of zes van zijn medewerkers uitgevoerd. Dit verklaart ook de vreemde verschillen in grootte van de figuren in meerdere scènes. Vooral bij een vergelijking tussen de twee onderste schilderingen, ‘de Hemelvaart van Johannes de Doper’ en ‘Banket vanHerodes’, valt op hoezeer de figuren uiteenlopen. In de Hemelvaart zijn alle figuren groter dan in het Feest van Herodes.


Giotto ‘Geboorte en Naamgeving van Johannes de Doper’
Twee vrouwen achter het bed (detail)

Verder zijn de vrouwen achter het bed in de geboorte van Johannes de Doper wel erg groot. De drie rechterfiguren in de Opwekking van Drusiana lijken veel dichter bij dan de figuren in de Naamgeving van Johannes de Doper op de tegenoverliggende wand. De reden hiervoor is dat de verschillende assistenten het overbrengen op schaal van de tekeningen op de muur anders geïnterpreteerd hebben.

Giotto 'Birth and Naming of John the Baptist': detail

Niet alleen laat de uitvoering te wensen over, maar dit geldt aldus de kunsthistoricus, Magginus Hayden, ook voor de dramatische kracht die beduidend minder is dan gebruikelijk bij Giotto Maginnis Hayden in: Maginnis, Hayden, B.J., ‘In search of an Artis’ in: Derbes, A., Sandona, M. (edited), ‘The Cambridge Companion to Giotto,’ University Press, Cambridge 2004 p. 23). Giotto was in tijdnood vanwege de vele opdrachten ondanks zijn vele assistenten, leerlingen en zijn twee ateliers: één in Florence en het andere in Napels. De aandacht wordt niet altijd op de cruciale gebeurtenis geconcentreerd, maar afgeleid naar randgebeurtenissen of in het oog springende details. Zo leiden in de naamgeving van Johannes de Doper de twee nissen met vazen de aandacht van de figuren af. Bij Elisabeth die in haar bed ligt, is geen kind te vinden.

De kijker moet zelf de twee verhalen aan elkaar koppelen. In het feest van Herodes trekt de man met de viool wel erg veel aandacht. Op de tegenoverliggende muur zijn wel twee fresco’s, ‘de Hemelvaart van Johannes de Doper’ en ‘de Opwekking van Drusiana’, die meer des Giotto’s zijn: concentratie op de centrale gebeurtenis.

Giotto ‘De Annunciatie van Zacharias’      Schema van de fresco’s in de Peruzzi-kapel

Giotto 'Annunciation to Zacharias' Peruzzi chapel

Toch eisen de figuren rechts ook al snel de aandacht op met name door de gebouwen achter de stadsmuur. De kreupele man geheel links valt al vrij snel op. In de Aankondiging van Zacharias springen de man met het harpje en de figuur met de fluit geheel links al snel in het oog. Dit maakt het verhaal wat verwarrend. Het gebouwtje rechts van het ciborium is eveneens onduidelijk. Waarvoor dient dit bouwwerk eigenlijk? De muur achter het ciborium ontbeert elke architectonische logica. Het lijkt uitsluitend gebruikt te zijn om de twee hoofdfiguren, de engel en Zacharias, met elkaar te verbinden en te isoleren zoals de zuilen dit ook doen. De violist, de kreupele en de fluitist krijgen veel aandacht en dit gaat ten koste van de kern van het verhaal. In de direct hierna geschilderde Bardi-kapel is wel sprake van meer eenheid in uitvoering van het schilderwerk. Bovendien is er in deze kapel wel een sterk accent op één dramatische gebeurtenis binnen elke verhalende scène.

In de gewelven zijn de vier evangelisten afgebeeld met hun symbolen: Marcus met de leeuw, Johannes met de adelaar, Mattheüs met de engel en Lucas met de os.

Vervolg Florence dag 5: Giotto’s fresco’s in de Peruzzi-kapel en Bardi-kapel IV